Station: [2] Grote verruiming


Hartelijk welkom in de Steinkaulenberg, de enige edelsteenmijn in heel Europa die voor bezichtiging is opengesteld. 


 Het gesteente hier, net als de hoge rotswanden van Idar-Oberstein, bestaat uit vulkanisch gesteente dat al 280 miljoen jaar geleden is ontstaan. 

In die tijd was er in het gebied rond de Saar en de Nahe enorme vulkanische activiteit, waarbij zich grote hoeveelheden lava tot wel 800 meter hoog opstapelden. 


 De lava stroomde destijds uit de bovenste aardmantel en had een temperatuur van 1100 graden Celsius. In de lava vormden zich talloze kleine en grote gasbellen. Door de ongewoon grote hoeveelheden gassen schuimde de lava behoorlijk op. 

Vervolgens koelde deze weer af en kristalliseerde tot vast gesteente. Dit proces was al bij 1000 graden Celsius voltooid. De gasbellen bleven dus onder de reeds afgekoelde lava vastzitten. 


 Bij verdere afkoeling condenseerden de in de bellen opgesloten gassen tot koolzuurhoudend heet water, dat vervolgens het gesteente doordrong. Zo kwamen er stoffen vrij die in de holtes terecht konden komen. Sulfaten en zuren, bijvoorbeeld kleurloos kiezelzuur, kwamen erbij, zetten zich af aan de rand aan de binnenkant en kristalliseerden naar binnen toe. 


 Zo ontstond na miljoenen jaren een geode. 

Als deze van binnen volledig gevuld is, noemt men het een amandel. Als er een holte achterblijft, spreekt men van een druse. 


 

Laten we nu eens kijken naar de edelstenen van de Steinkaulenberg: 


 We beginnen met het bergkristal. Het is licht, melkachtig wit en het duurst als het glashelder is. Dat is meestal alleen het geval in de kristalpuntjes. Hier zie je mooi de holte in het midden, dus een druse. Ernaast zien we nog een bergkristal, dit keer volledig gevuld, dus een amandel. 


 Hier zien we een amethistdruse, herkenbaar aan de paarse kleur. De verschillende kleuren van de edelstenen worden veroorzaakt door metaaloxiden. IJzerdioxide is verantwoordelijk voor een rode tot paarse kleur, koperoxide voor groen, chroom-aluminium voor bruin en mangaan voor geel. 


 Daar ziet u twee rookkwartsdrusen. Onze edelstenen behoren tot de groep van kwarts en worden ingedeeld in hardheidsgraad 7. Dit wordt beoordeeld volgens de "krashardheid volgens Mohs", een schaal van 1 tot 10. Krijt is zacht en heeft hardheid 1, diamant is zeer hard en heeft hardheid 10. 


 Hier zien we de jaspis. Deze is bij ons in totaal in vier kleuren verkrijgbaar. In rood, bruin, geel en groen. 


 Bij ons werd vooral naar agaat gezocht, daarom wordt deze mijn ook agaatmijn genoemd. Vooral de amandelen van agaat waren erg gewild. Als deze grijs waren, konden ze achteraf nog met een speciaal procedé worden gekleurd. 


 De agaatzoekers waren destijds voornamelijk boeren uit de omgeving. Ze wilden in de strenge wintermaanden wat bijverdienen. 

Sinds het midden van de 15. eeuw werd hier naar edelstenen gezocht. 

Aan het begin van de 19. eeuw begonnen de mensen naar Zuid-Amerika te emigreren in de hoop daar een beter leven te vinden, omdat de tijden hier erg slecht waren. Helaas moesten ze ook daar bijvoorbeeld als hulpjes op de boerderijen werken om te overleven. 


 Toevallig vonden voormalige agaatzoekers uit Idar in Brazilië, in Rio Grande, vlakbij de staat Rio Grande do Sul, een groot aantal zeldzame, prachtige agaatamandelen. 

Deze konden goedkoop naar Europa worden vervoerd en er ontstond een handel. Daardoor beleefde de agaatslijperij vanaf 1834 een echte bloeiperiode. 

Het zoeken naar agaat in de Steinkaulenberg nam daardoor steeds meer af en kwam vanaf 1970 volledig tot stilstand. 


 Tegenwoordig worden hier in de stad alle edelstenen ter wereld bewerkt en verkocht.